Tonalità: G major
Verse 1
G
C
G
C
Wij Nederlanders zijn steengoed in het
G
C
heien van palen
Dm
In het leren van talen
G
C
In het leggen van dijken
G
C
Wij willen alles coute que coute
G
eerst terdige
D
Daarna nog eens bepraten
G
Daarna nog eens be kijken
Ons landje is beslist maar
klein van lengte en van
Breedte
C
Maar daddeme toffe jongens zijn dat
G
C
G
wille we wete
C
G
Wij Nederlanders zijn heel knap
C
in het bouwen van
Bruggen
Dm
In het ziften van muggen
G
In het zingen en fluiten
C
De vrouwen boenen graag de
G
trap en ze kunnen goed
C
Koken
D
En de mannen verroken
G
Voor wie weet hoeveel duiten
Wij lopen aan de strakke lijn van
C
Em
werken slapen eten
C
Maar dabbeme toffe jongens
Dm
G
C
G
zijn dat wille me wete
C
Wij wonen met zijn tienen
G
in precies zoveel hokjes
C
Dm
G
En voor elk van die brokjes
C
Is er wel een principe
G
C
De een is rood de
G
ander groen vastberaden of grillig
C
D
Vurig of onverschillig
G
Naar zijn aard en zijn type
Ons volk is haast op elk terrein
C
G
versplinterd en
Gespleten
C
Maar daddeme toffe jongens
Dm
G
C
zijn dat wille me wete
Ti è piaciuto il brano?
AccordatoreE A D G B E
AccordiG C Dm D Em
Accordi popolari a livello globale
Accordi e tablature più suonati dagli utenti
Aggiunti di recente
Accordi e tablature aggiunti di recente
